Uitlichten in plaats van verlichten
De meeste buitenverlichting zorgt dat je kunt zien waar je loopt. Een tuinspot doet iets anders: die licht iets uit. Zet er één onderaan een mooie boom en schijn omhoog, en je hebt 's avonds een silhouet in je tuin dat er overdag niet eens zo opviel. Datzelfde werkt bij een struik, een muur met klimop, een beeld of een gevel. Juist het contrast tussen uitgelichte plekken en donkere plekken maakt een tuin mooi.
Netstroom of solar?
- Op netstroom – meer lichtopbrengst, het hele jaar betrouwbaar.
• Solar tuinspots – geen bekabeling, zo in de grond te zetten.
Wil je een grote boom echt laten oplichten, dan heb je de kracht van netstroom nodig. Voor een struik of een klein accent volstaat solar prima, en dat scheelt graafwerk.
Waar zet je hem neer?
Meestal onderaan het object, gericht omhoog: dat geeft het mooiste effect. Zet de spot niet recht ertegenaan maar iets ervandaan, dan strijkt het licht langs de bast of de muur en zie je de structuur. Richt hem zo dat je er zelf niet in kijkt vanaf je terras, en zo dat je buren geen last hebben: licht dat langs een boom heen de lucht in schijnt, is verspild.
Waar let je op?
Let op de aangegeven beschermingswaarde (IP-waarde): een tuinspot staat laag bij de grond, waar water opspat. Kies een kantelbaar model, zodat je later kunt bijstellen als je boom groeit. Leg kabels die de grond in gaan aan met een grondkabel, en noteer waar ze lopen voordat je de sleuf dichtgooit.