Kracht om iets echt uit te lichten
Hier zit het verschil met solar. Een tuinspot op netstroom heeft geen accu die gespaard moet worden, en kan dus veel feller zijn. Wil je een volwassen boom van onder tot boven laten oplichten, of een hele gevel aanstralen, dan is dat het enige dat werkt. Bovendien brandt hij elke avond even lang, ook in december.
Wel een kabel de tuin in
Dat is de keerzijde. Er moet stroom naar die plek, en dat betekent een sleuf graven en een grondkabel leggen. Leg de kabel op voldoende diepte, bij voorkeur in een beschermbuis, en noteer of fotografeer waar hij loopt voordat je de sleuf dichtgooit: over twee jaar weet je het niet meer, en dan wil je weten waar je wél en niet kunt graven.
Denk vooruit
Omdat je toch een sleuf graaft, loont het om meteen door te denken. Leg de kabel langs de route waar je later misschien meer verlichting wilt, of neem meteen een buitenstopcontact mee. Kies ook een kantelbaar model: een boom groeit, en dan wil je de spot kunnen bijstellen zonder opnieuw te graven.
Waar let je op?
Let op de aangegeven beschermingswaarde (IP-waarde): een tuinspot staat laag bij de grond, waar water opspat en blijft staan. Sommige spots werken op 12V en hebben een transformator nodig; dat staat bij de productgegevens. Buitenaansluitingen horen aangesloten te worden volgens de geldende voorschriften, bij voorkeur op een aparte groep met aardlekbeveiliging: schakel een vakman in.